Rooklaag
Een rooklaag is een deel van een ruimte waarin rook en warme brandgassen zich ophopen. Bij een brand stijgen verbrandingsproducten via de rookpluim op en verspreiden zij zich onder het plafond. Daardoor kan een warmere bovenlaag ontstaan met daaronder een relatief koelere luchtlaag. De overgang is in werkelijkheid meestal geleidelijk en veranderlijk. Een horizontale lijn op een modeltekening is een vereenvoudiging van de temperatuur- en concentratieverdeling in de ruimte.
De ontwikkeling van de rooklaag volgt uit de toevoer van gassen, de afvoer via openingen of installaties en de uitwisseling met de omgeving. Door luchtbijmenging bestaat een groot deel van de laag uit lucht die via de pluim is meegevoerd. Warmteverlies aan wanden en plafond beïnvloedt de temperatuur en de dichtheid. Een afkoelende rooklaag kan minder sterk gestratificeerd raken en zich verder mengen. De begrippen laaghoogte, rookvolume en temperatuur kunnen daarom niet los van elkaar worden beoordeeld.
In een zonemodel wordt vaak aangenomen dat iedere laag uniforme eigenschappen heeft. Die aanname maakt een snelle berekening mogelijk, maar geeft beperkte informatie over lokale rooktongen, stroming bij deuren of temperatuurverschillen naast de brand. Ook een ogenschijnlijk heldere onderlaag is niet noodzakelijk vrij van schadelijke gassen. Voor een beoordeling van vluchten zijn rooklaaghoogte en zichtbaarheid nuttige grootheden, maar zij vervangen niet alle criteria voor tenability.
Rookbeheersingssystemen kunnen zijn ontworpen om een rooklaag boven een bepaalde hoogte te houden. De gekozen vrije hoogte moet passen bij personen, routes, warmteblootstelling en de gebruikte ontwerpmethode. Er bestaat geen algemene rooklaaghoogte die voor ieder gebouw en ieder scenario veiligheid garandeert. Toevoerlucht moet bovendien zo worden ingebracht dat de beoogde gelaagdheid niet ongewenst wordt verstoord. Grote snelheden, mengventilatie en beweging langs obstakels kunnen de laaggrens veranderen.
Bij het lezen van een berekeningsrapport is van belang hoe de rooklaaghoogte is bepaald. Een temperatuurcriterium, een concentratiecriterium en een mathematische tweelagenbenadering kunnen verschillende hoogten opleveren. Vergelijkingen tussen modellen of metingen vragen daarom dezelfde definitie. Verder wordt nagegaan of de gekozen rekenpunten de locaties van de aanwezigen en vluchtroutes voldoende vertegenwoordigen. Een gemiddelde laaghoogte voor een grote ruimte kan lokale ongunstige omstandigheden verbergen, bijvoorbeeld onder een balkon of nabij een opening waar rook vanuit een andere ruimte binnenstroomt.