Ontruimingsalarminstallatie type A

Een ontruimingsalarminstallatie type A is een luidalarminstallatie waarmee aanwezigen door gesproken berichten worden gewaarschuwd en geïnstrueerd. De installatie gebruikt luidsprekers en kan, afhankelijk van het ontwerp, vooraf opgenomen boodschappen en live gesproken aanwijzingen verspreiden. Het systeem is bedoeld voor een snelle en ordelijke ontruiming bij brand of een andere noodsituatie. De Nederlandse systeemeisen en projecteringsregels staan in NEN 2575-1 en NEN 2575-2.

Gesproken informatie kan duidelijk maken welke handeling wordt verwacht en op welk gebied die betrekking heeft. Dat kan behulpzaam zijn in een gebouw met veel bezoekers die de indeling niet kennen. De keuze voor type A hangt echter af van de voor het gebouw vastgestelde eisen en ontruimingsstrategie. De aanwezigheid van een omroepinstallatie voor muziek of mededelingen bewijst niet dat er een geschikte ontruimingsalarminstallatie aanwezig is.

Een type A-installatie vraagt onder meer aandacht voor de beschikbaarheid van centrale apparatuur, versterkers, luidsprekerlijnen en voeding. Noodberichten moeten de daarvoor vastgestelde voorrang krijgen boven normaal gebruik. Wanneer apparatuur ook voor andere doeleinden wordt gebruikt, moet worden aangetoond dat deze combinatie de alarmfunctie niet belemmert. Een uitgeschakelde muziekbron of verkeerd bediende volumeregelaar mag de vereiste waarschuwing niet ongemerkt wegnemen.

Het geluidsniveau is slechts een deel van de prestatie. De spraakverstaanbaarheid moet voldoende zijn op de plaatsen waar personen de boodschap moeten begrijpen. Nagalm, achtergrondgeluid, afscherming en de spreiding van luidsprekers beïnvloeden dit. Harder uitsturen kan onvoldoende helpen wanneer reflecties de lettergrepen door elkaar laten lopen. Het ontwerp van de installatie en de akoestiek van de ruimte worden daarom in samenhang beoordeeld.

De boodschappen horen kort, begrijpelijk en passend bij de feitelijke instructie te zijn. Taalkeuze en herhaling worden afgestemd op het publiek en de beschikbare tijd. Bij gefaseerde ontruiming moet duidelijk zijn welke alarmeringszones een evacuatiebericht ontvangen en welke eventueel een andere boodschap krijgen. Dat vraagt gecontroleerde programmering, herkenbare bediening en aansluiting op het ontruimingsplan.

Bij oplevering worden zowel de technische werking als de hoorbaarheid en verstaanbaarheid beoordeeld onder representatieve omstandigheden. Daarna kunnen nieuwe wanden, andere inrichting of meer achtergrondgeluid de prestatie veranderen. Ook opgenomen teksten en live microfoons vragen controle. Een verstaanbare proefboodschap in een lege, stille ruimte toont niet vanzelf aan dat dezelfde informatie tijdens de normale bezetting op iedere vereiste plaats goed overkomt.