Logiesfunctie
Een logiesfunctie is een gebruiksfunctie voor recreatief verblijf of tijdelijk onderdak aan personen. Voorbeelden zijn hotels, pensions, vakantiehuizen en groepsaccommodaties. Bij logies hebben gebruikers doorgaans hun hoofdverblijf elders. De grens met wonen volgt uit de feitelijke gebruikssituatie; er bestaat geen algemene verblijfsduur waarna ieder logiesverblijf automatisch een woning wordt.
Het Bbl onderscheidt de logiesfunctie, het logiesverblijf en het logiesgebouw. Een logiesverblijf is het gedeelte voor een persoon of groep, bijvoorbeeld een hotelkamer of suite. Een logiesgebouw bevat meerdere logiesverblijven die op een gezamenlijke verkeersroute zijn aangewezen en bestaat uit logiesfuncties en eventuele nevengebruiksfuncties. Een vrijstaand vakantiehuis en een hotel met lange gangen vallen daardoor binnen verschillende bouwkundige situaties.
Slapen en onbekendheid met het gebouw beïnvloeden de brandveiligheid. Gasten herkennen een alarm mogelijk later, moeten zich oriënteren en kunnen eerst persoonlijke bezittingen verzamelen. Ook taalverschillen, alcoholgebruik en een beperkte mobiliteit kunnen van betekenis zijn. Het ontwerp van de vluchtroutes moet daarom worden afgestemd op de werkelijk te verwachten gebruikers en de nachtelijke omstandigheden.
Compartimentering en rookbeperking beschermen zowel het verblijf als de route naar buiten. Bij een brand op één kamer moet worden voorkomen dat openstaande deuren de gemeenschappelijke gang snel met rook vullen. De werking van zelfsluitende deuren, de afdichting van installatiedoorvoeringen en de begrenzing van schachten verdienen in hotels bijzondere aandacht, omdat verbouwingen en vervanging van installaties regelmatig in bezette gebouwen plaatsvinden.
De vereiste branddetectie, alarmering en eventuele doormelding volgen uit de toepasselijke Bbl-bepalingen en het brandveiligheidsconcept. Een particuliere rookmelder en een centrale brandmeldinstallatie hebben een verschillende functie en uitvoeringsgrondslag. Ook een receptie die overdag bezet is, geeft geen zekerheid dat een nachtelijke melding direct en doeltreffend wordt opgevolgd.
De gebruiksmelding en gebruiksinstructies moeten overeenkomen met het aantal gasten, de ruimtelijke indeling en de aanwezige voorzieningen. Extra bedden, omzetting van bergruimten naar gastenkamers of langdurige huisvesting kunnen de uitgangspunten veranderen. Bij tijdelijke uitval van een beveiligingsinstallatie wordt beoordeeld welke logiesverblijven nog verantwoord gebruikt kunnen worden en welke tijdelijke organisatie daarvoor nodig is.