Evacuatielift
Een evacuatielift is een lift die binnen een daarvoor ontworpen gebouw- en ontruimingsconcept wordt gebruikt om personen in veiligheid te brengen. Zij kan vooral betekenis hebben voor mensen die niet zelfstandig een trap kunnen gebruiken. De lift, de toegangsruimten, de energievoorziening en de bediening moeten samen geschikt zijn voor de omstandigheden waarin evacuatie plaatsvindt.
NEN-EN 81-76:2025 bevat aanvullende eisen voor nieuwe personenliften en personen-goederenliften die de evacuatie van personen met een beperking kunnen ondersteunen, ook bij brandalarm. De norm vervangt de eerdere Europese technische specificatie. Een lift die aan deze productgerichte eisen voldoet, maakt het gebouw echter niet automatisch geschikt voor evacuatie per lift. Verschillende risico's moeten op gebouwniveau worden opgelost.
Daaronder vallen brand en rook in de schacht, wachtruimten en machineruimten, binnendringend bluswater en uitval van gebouwvoorzieningen. Ook onvoldoende capaciteit of een ongeschikte ligging van de lift kan de evacuatie laten mislukken. De bescherming van de wachtende personen is daarbij even belangrijk als de bescherming tijdens de rit. Zij mogen niet afhankelijk worden van een lift zonder een onderbouwde oplossing voor het geval die lift onbeschikbaar raakt.
Een evacuatielift verschilt in doel en gebruik van een brandweerlift. Een brandweerlift ondersteunt primair de inzet van de brandweer. De aanwezigheid ervan betekent niet dat gebouwgebruikers die lift zelfstandig voor evacuatie mogen gebruiken. Eventueel gecombineerd gebruik vraagt passende technische voorzieningen en afspraken over prioriteit, bediening en overdracht aan de brandweer.
In de wettelijke definitie van een vluchtroute wordt geen lift gebruikt. Een evacuatielift telt daardoor niet automatisch mee als vervanging van een voorgeschreven route of trap. Wanneer zij onderdeel vormt van een alternatieve veiligheidsoplossing, moeten het beoogde veiligheidsniveau en de toepasselijke juridische route worden onderbouwd. De instructies voor gewone personenliften kunnen daarbij niet zonder meer worden aangepast.
Het ontruimingsplan bepaalt wie de lift gebruikt, hoe men de juiste verdieping en bestemming kiest en wat bij storing gebeurt. De berekende capaciteit omvat ook wachten, instappen, begeleiding en uitstappen. Bij oplevering en periodieke beproeving worden de betrokken installaties en de organisatie samen beoordeeld. Alleen de normale rit tussen twee verdiepingen testen geeft onvoldoende inzicht in het functioneren tijdens evacuatie.